Foto

GH05671: De Toekomst, Molen de Graaf, aan de Hoofdvaart 97 te Dedemsvaart.

Omschrijving

Foto is gemaakt ca. 1910/20. De Toekomst, Molen de Graaf, aan de Hoofdvaart 97 te Dedemsvaart, waar nu alleen de romp nog van staat, De eerste eigenaar was Derk Santman, koopman te Hardenberg, die de molen o.a. wilde inrichten met een pelwerk. De pelstenen moesten uit Duitsland (Bentheim) worden aangevoerd over de Vecht en de Dedemsvaart. Door een combinatie van grote droogte in de zomer en de harde vorst in de winter 1821-1822 konden de stenen niet voor 21 augustus 1822 worden aangevoerd. Na de dood van Santman werd in 1836 de molen verkocht aan Meine Ielkes Kruizinga. Lang is hij geen eigenaar geweest, op 1 september 1837 overlijdt hij onverwacht. Ook de weduwe, de zus van Derk Santman, overlijdt kort erna. Door vererving viel de molen in handen van Aaltje Santman. In 1847 wordt de molen verkocht aan de 22 jarige Hendrik Bleuming (Bloeming), korenmolenaar uit Dalen (Dr) (schoonzoon van Johann Heinrich Daman, een vervener en jeneverstoker uit Dedemsvaart.). In 1881 werd hij ernstig ziek, waarna hij besloot de molen te verkopen. Twee zwagers deden een bod op de molen, waardoor de molen in de familie bleef. Op 2 augustus 1882 overleed Bleuming. Inmiddels was voor de molen al vóór 1881 een zagerij geplaatst. Molenaar werd Barend Beatrix ten Brink, een 30-jarige molenaarszoon uit Meppel. Op 28 april 1888 vertrekt hij. De opvolger was Johannes Antonius Schomaker. In 1908 bieden de Erven J.H. Daman de molen in een advertentie in De Molenaar te koop aan. Op 15 en 29 september en 1 oktober 1910 kocht Lambertus Schomaker deze molen (zie aanvullingen). Zijn vader Johannes Antonius Schomaker was er al sinds 1888 molenaar. Van 1882 tot 1909 werd de zagerij gehuurd door August Aimé Balkema, een houthandelaar uit Harlingen. Tijdens een onweer met hevige windstoten is op 26 augustus 1890 de krukas warm gelopen, waardoor de molen geheel is afgebrand. Herbouw vond plaats. In 1891 kwam er een andere houtzager op de molen, Willem Bonthuis uit Onstwedde die tot tenminste 1916 bleef. Op 14 augustus 1930 breekt een roe af. Omstreeks 1937 werd een Deutz dieselmotor geplaatst in een stenen motorhok welke een op de stellingzolder gelegen koppel maalstenen aandreef via een riemoverbrenging. Deze installatie is nog steeds aanwezig. Op 19 januari 1943 werd een sloopvergunning verleend. De molen is tot 1947 eigendom van Lambertus en Johannes Anthonius Schomaker. De molen werd gekocht door Johannes van der Graaf, terwijl terwijl J.A. Schomaker nog enige jaren in dienst bleef bij van der Graaf. De houtzagerij is tot circa 1950 in bedrijf gebleven op windkracht. Daarna is de zagerij leeg gesloopt en ingericht als pakhuis. Na vergeefse herstelpogingen werden in 1965 de wieken en stelling verwijderd. Op zondag 12 juni 1966 werd de molen getroffen door een blikseminslag en vloog in brand. Het bovenste deel van het achtkant is toen verbrand. De romp van de molen is er nog, en wordt gebruik als fourage-handel. (Bron: www.molendatabase.org/, databasenr. 119; www.allemolens.nl/, Ten Bruggencate-nr.: 02711)

Gegevens

Datum: 
1910
Rechten: 
Historische Vereniging Hardenberg
Locatie: 
Dedemsvaart
Identificatie nummer: 
NL-HdbHVH_GH05671

Reacties